Klantenportal customer-icon
28 mei 2014

Een BIM in de beheerfase? Begin met deze zes vragen

De opmars van het Bouwwerk Informatie Model (BIM) lijkt niet te stuiten. Dit digitale, driedimensionale model wordt steeds vaker gebruikt tijdens het ontwerp en de realisatie van gebouwen en bevat meer en meer informatie over zaken als: de samenstelling van het gebouw, de eigenschappen van onderdelen en zelfs de planning van werkzaamheden.

FAQ - Hoe profiteert u als Facility Manager van een BIM?

Antwoorden op vijf veelgestelde vragen over Building Information Modeling en de toegevoegde waarde van BIM voor facility- en vastgoedmanagers.

Lees meer

Het is niet verwonderlijk dat gebouwbeheerders met grote interesse naar deze modellen kijken. Waar ze voorheen tijdens de oplevering van een gebouw nog een stapel papieren tekeningen en documenten kregen van de aannemer, wordt nu steeds vaker het BIM ter beschikking gesteld aan de beheerder. Veel gebouwbeheerders vragen zich echter af wat ze hier mee kunnen en of de gegevens kunnen worden ingeladen in hun Facility Management Informatiesysteem (FMIS). Het antwoord op deze vragen is niet eenvoudig. Eigenlijk zijn het zelfs de verkeerde vragen – maar daarover later meer.

BIM in beheer

Ongeveer 70% van de gebouwkosten wordt gemaakt tijdens de beheerfase van een gebouw. Het automatiseren van gebouwbeheer levert veel efficiencyvoordelen op en dat is precies waar een BIM waarde kan toevoegen. Zo bevatten deze modellen een zogeheten ‘bill of materials’. Dit is een lijst van elementen die samen het gebouw vormen; denk aan het aantal buitendeuren van een bepaald type, het aantal vierkante meters gevelmetselwerk, het aantal vierkante meters schilderwerk, het type CV-installatie en ga zo maar door.

Dat deze informatie nuttig en bruikbaar is voor een gebouwbeheerder behoeft geen betoog. Maar hoe kun je als gebouwbeheerder de informatie uit het BIM hergebruiken om bijvoorbeeld onderhoud te plannen en kosten te begroten? Het antwoord op deze vraag is afhankelijk van verschillende factoren. Het is daarom belangrijk om eerst een de volgende vragen te stellen.

1. Wat wil je met het BIM bereiken?
In de beheerfase kan een BIM worden ingezet voor verschillende doeleinden: van het inschatten van beheerkosten, tot het inplannen van onderhoudswerkzaamheden. Elk doel stelt weer andere eisen aan het model. Is het voldoende om eenmalig een ‘bill of materials’ uit het model te halen? Of is het belangrijk om het model tijdens de beheerfase van het gebouw actueel te houden?

2. Wie levert het model?
Het BIM is altijd een samenstelling van meerdere submodellen. Bovendien leveren zowel de architect als de aannemer input voor het model. Zorg ervoor dat je één partij (het liefst de aannemer) verantwoordelijk maakt voor het leveren van alle submodellen en formuleer van tevoren aan welke eisen deze data moet voldoen, zoals ruimtecodering, ruimtefuncties en elementencodering. Dat maakt eenvoudig inlezen van deze data in het FMIS mogelijk en verhoogt de bruikbaarheid van deze data.

3. Hoe compleet en actueel is het model?
Een BIM is niet altijd bijgewerkt tot aan de daadwerkelijke realisatie van een gebouw (‘as built’). In dat geval begin je met een valse start. Analyseer dus de de compleetheid en actualiteit van het model alvorens de relevante data in het FMIS over te nemen.

4. Welke informatie uit het model wil je daadwerkelijk gaan gebruiken?
Niet alle gegevens uit het BIM zijn nuttig en bruikbaar tijdens de beheerfase. Het is daarom belangrijk om te bepalen welke informatie uit het model daadwerkelijk nodig is en op welke plek deze gegevens worden beheerd. Om een voorbeeld te noemen: het is vanuit beheersperspectief onbelangrijk om de bewapening van de betonvloer te kennen. Wel is het interessant om te weten hoeveel vierkante meter vloer- en plafondafwerking er in een gebouw zijn, zodat het onderhoud van het stuc- en schilderwerk correct kan worden gepland.

5. Met welke modelleersoftware is het BIM gemaakt?
Er zijn nogal wat verschillen tussen de systemen die worden gebruikt in de bouwfase. Wie zelf tijdens de beheerfase het BIM wil bijhouden of wijzigen, moet daartoe de benodigde modelleersoftware aanschaffen. Dit vraagt echter om zeer specifieke expertise en in de meeste gevallen zal in de praktijk het raadplegen van het BIM al voldoen.

6. Wie worden de gebruikers van de data en van het model?
Verschillende gebruikers hebben verschillende behoeften. Dat geldt voor zowel het BIM als het FMIS. De onderhoudsmanager is geïnteresseerd in installaties, techniek en bouwkundige informatie, terwijl de huisvestingsmanager wil weten welke binnenwanden verplaatst kunnen worden en welke wanden constructief zijn. Het is van belang om deze systemen zo in te richten dat gebruikers de informatie die voor hen relevant is snel en effectief kunnen raadplegen en beheren.

De antwoorden op deze zes vragen geven nog geen garantie dat een BIM kan worden ingezet in de beheerfase, maar ze vormen wel een belangrijk vertrekpunt. Het is vooral van belang om deze vragen in de ontwerpfase te stellen en tijdig af te stemmen met de architect en aannemer. Dat biedt immers de mogelijkheid om als opdrachtgever vroeg in het proces eisen te formuleren, zodat gegevens na de oplevering kunnen worden overgezet naar het FMIS.

Een BIM wordt ontworpen voor de bouwfase. Maar wie op tijd de juiste vragen en eisen stelt aan de juiste partijen kan zichzelf een hoop tijd en energie besparen. Door een koppeling van een BIM aan het FMIS, kunnen gegevens automatisch worden ingelezen in het FMIS. Dat voorkomt handmatige invoer, vermijdt fouten en reduceert de inspanning om data uit het BIM te hergebruiken.

Eelco de Bruijn
Product Manager Space & Workplace Management